MENU
< TERUG

ACTUEEL

Preek Sacramentsdag 2018. Woord- en communieviering is géén eucharistie!

3 juni 2018

Als diaken mag ik u voorgaan in een woord- en communieviering. Diakens zijn niet gewijd om het sacrament van de eucharistie te bedienen. Het is de priester die ons daarin voorgaat. Aan het einde van een woord- en communieviering zeggen kerkgangers wel eens tegen mij: “Het was een mooie mis”. Als ik dan zeg dat ik de mis niet gevierd heb, hoor ik vaak: “Wat maakt het uit, ik heb toch de hostie ontvangen?”. U moet niet denken dat een woord- en communieviering en een eucharistieviering hetzelfde is omdat u in beide de hostie ontvangt! Een woord- en communieviering is een noodgreep bij gebrek aan priesters. De eucharistie is en blijft, zoals het Tweede Vaticaanse Concilie het zegt, “oorsprong en hoogtepunt van het christelijk leven” (Lumen Gentium, par. 11). In de eucharistie is Christus tegenwoordig als de wijnstok. Een woord- en communieviering is niet meer dan een rank, waarvan wij de vruchten van de eucharistie kunnen plukken. Een woord- en communieviering kan en mag nooit de eucharistieviering vervangen!

Waarom kan een woord- en communieviering de eucharistie niet vervangen? Daarop zijn meerdere antwoorden te geven. Ik beperk mij tot één aspect van de eucharistie waaruit blijkt dat het nooit door een woord- en communieviering vervangen kan worden, namelijk: de eucharistie is een maaltijd en een woord- en communieviering is dat niet. De maaltijd is een thema dat in de Bijbel regelmatig terugkeert. Goed voorbeeld is de sabbatmaaltijd. De sabbatmaaltijd wordt nog steeds gepraktiseerd in joodse families aan de vooravond van de sabbat, de heilige joodse rustdag. De sabbatmaaltijd is niet zomaar een gezellig avondeten, maar een maaltijd waarbij Gods aanwezigheid wordt aangeroepen.

Een maaltijd in de Bijbel is een maaltijd waarbij God de mens voedt, niet alleen naar de maag, maar ook naar de ziel. Dat idee gaat terug tot het allereerste begin: de schepping. God schept de wereld en maakt deze als een tuin (de Tuin van Eden). De mens (Adam en Eva) plaatst Hij te midden van die tuin. De allereerste woorden die God tot Adam en Eva spreekt, zijn: “Van al de bomen in de tuin moogt gij eten” (Gen. 2, 16). Wij zijn zó geconditioneerd door de woorden die daarop volgen (“maar van de boom van de kennis van goed en kwaad moogt ge niet eten”), dat we Gods allereerste woorden al snel vergeten. God serveert als het ware een overvloedige maaltijd en roept, om het zo te zeggen, tot Adam en Eva: “Aan tafel!”. Met de woorden “van al de bomen moogt gij eten” nodigt God ons uit om ten volle deel te nemen aan de schepping door kunst, wetenschap, sport, muziek, literatuur, architectuur, etc. We mogen nemen van al het goede en mooie dat God van zichzelf aan ons heeft gegeven. In de lichamelijke én geestelijke zin van het woord is dat een maaltijd. In én met de Tuin van Eden voedt God ons met zijn eigen leven.

Echter, die oermaaltijd wordt verstoord wanneer Adam en Eva eten van de verboden vrucht. Zij eigenen zich toe wat hen niet toebehoord. Daarmee onttronen zij God als hun gastheer. Adam en Eva eigenen zich het gastheerschap toe. Het is alsof je wordt uitgenodigd voor een maaltijd en zelf aan het hoofd van de tafel gaat zitten, op de plek die alleen aan de gastheer toekomt. Hoe onbeleefd! Hoe kun je gastheer zijn van een maaltijd waarvan je zelf niet voor het eten en drinken hebt gezorgd? God deelt van zijn eigen schepping. Waar delen wij van? Tegenover God kun je niets als het jouwe claimen.

God corrigeert dat in Jezus. In Jezus is God mens geworden en neemt Hij zijn plek weer in als gastheer. In Jezus herstelt God de tafelgemeenschap zoals Hij die oorspronkelijk had geschapen. Ik moest denken aan het tv-programma “Het familiediner”. In dit programma worden ruziënde familieleden uitgenodigd hun vete bij te leggen rond het genot van… een maaltijd! Wat in dit programma in het klein gedaan wordt, doet Jezus op wereldschaal. Dat komt tot een climax in het laatste avondmaal. Jezus gaat aan tafel met zijn twaalf apostelen, symbool voor de twaalf stammen van Israël, symbool voor de eenheid van Gods schepping. In Jezus doet God hetzelfde als met de oermaaltijd: Hij voedt de mens met zijn eigen leven. Dát is wat er gebeurt als wij eucharistie vieren. God voedt zijn volk (wij allen) voortdurend in en door de eucharistie. Daarvan is Jezus gastheer, die door de priester tegenwoordig wordt gesteld. In de eucharistie gebruiken wij brood en wijn (genomen uit en gemaakt van Gods schepping) en deze worden door gebed tot Lichaam en Bloed van Christus. Daarin is Jezus ten volle aanwezig en geeft Hij zichzelf als voedsel voor onze weg hier op aarde, zoals God dat ook deed voor Adam en Eva.

Eucharistie is een maaltijd waarin de band tussen God en mens wordt gevierd én gevoed. Ik, als diaken, ben een dienaar (diakonos) die slechts kan delen van het Brood dat is overgebleven van die maaltijd. De maaltijd zelf heeft dan al plaatsgevonden! Een woord- en communieviering is daarom per definitie geen maaltijd en het kan nooit de eucharistie vervangen. De Kerk is een tafelgemeenschap: een familie die samenkomt rond de eucharistie, waarbij Christus aan het hoofd zit en waarin Hij ons voedt met zijn leven en wij Hem dankzeggen. Bidden wij daarom voor roepingen om priesters die in de eucharistie Christus present stellen als Gastheer van zijn maaltijd. Door Christus, onze Heer. Amen.

Diaken Franck Baggen

Preek Ron Colin in kader van Vredeszondag
17 september 2018
Preek 24e zondag in jaar B: Marc. 8, 27-35. Jezelf verloochenen en je kruis op je nemen.
16 september 2018
Preek 23e zondag in jaar B: Marc. 7, 31-37. “Effeta, ga open!”
9 september 2018
Preek 22e zondag in jaar B: Marc. 7, 1-23. “Dit volk eert Mij met de lippen”
2 september 2018
Preek 21e zondag in jaar B: Joh. 6, 60. “Deze taal stuit ons tegen de borst”.
27 augustus 2018
Preek 20e zondag in jaar B: Spr. 9, 1-6. Gods wijsheid als overvloedige maaltijd.
19 augustus 2018
laad meer artikelen artikelen aan het laden geen nieuwe artikelen