Preek 14e zondag in jaar A. Mat. 11, 25-30. Ontvankelijkheid voor de Vader.

Het evangelie van vandaag lijkt je op het verkeerde been te zetten. Jezus prijst God, omdat Hij zich openbaart aan kleinen en niet aan wijzen en verstandigen. Heeft Jezus iets tegen wijzen en verstandigen? Nee, zeker niet. Herinner u hoe Jezus als 12-jarige knul zoek was en hoe Maria en Jozef Hem overal zochten. Ze vonden Hem uiteindelijk in de Tempel, waar Hij sprak met de geleerden (Luc. 2, 41-49). Zelf had Jezus ook goed de schriften bestudeerd, want Hij gaat geen enkel gesprek met de Schriftgeleerden niet uit de weg.

Er zijn op vandaag veel mensen die de Kerk een verouderd, prehistorisch instituut vinden, dat de strijd met de moderne wetenschappen heeft verloren. Als bewijs daarvoor wordt dan altijd de naam van Galileo genoemd, de astronoom uit de 16e eeuw die onder druk van de Kerk zijn beweringen over de zon als het centrum van het planetenstelsel moest terug nemen. Galileo toonde aan dat de Kerk de plank volledig missloeg, zeggen ze dan. Ik geef toe: dit was niet een sterk staaltje wetenschapsliefde van de Kerk. Georges LemaitreDe Kerk heeft dat erkend en Galileo is inmiddels allang gerehabiliteerd. Dat het ook anders kan illustreer ik aan de hand van Georges Lemaître (1894-1966; zie foto).

De kans is groot dat u niet van deze geleerde heeft gehoord. Hij heeft de theorie van de oerknal ontwikkeld, over het begin van het heelal. Hij was astronoom, wiskundige én rooms-katholiek priester! Georges Lemaitre met EinsteinBeroemd is de foto waarop Georges Lemaître in soutane (priestertoog) aan Albert Einstein de theorie van de oerknal uitlegt. Geloof en wetenschap zijn geen concurrenten van elkaar, integendeel! Ze zijn als moeder en dochter. John Henri Newman, een groot theoloog uit de 19e eeuw, heeft eens gezegd: het is een blijk van vitaliteit wanneer de Kerk zichzelf blijft bevragen over het geloof en aanverwante zaken. Een kerk of religie die zijn nieuwsgierigheid verliest, die niet meer nadenkt en de inhoud van het geloof als onbetwistbare waarheden aanneemt, roest vast in zijn eigen gelijk en vervalt in fundamentalisme met alle gevolgen van dien.

Jezus zegt niet dat we ons denken en onze nieuwsgierigheid overboord moeten zetten. Je hoort Hem niet zeggen: wees simpel, onkritisch, denk niet na. Waarom prijst Hij dan de kleinen en niet de wijzen? Hij zegt: “Alles is Mij door mijn Vader in handen gegeven” (v. 27). Jezus spreekt hier als Zoon die alles van zijn Vader heeft ontvangen. Jezus leeft en werkt in volledige ontvankelijkheid van zijn Vader. Om deze ontvankelijkheid draait het: kunnen ontvangen, durven aannemen. De kleinen (de kinderen) zijn voor ons daarin tot voorbeeld. Een kind kijkt naar zijn of haar ouders voor liefde, bescherming, sturing, leiding, enzovoort. Jezus nodigt ons uit eenzelfde houding aan te nemen jegens God de Vader. Het probleem dat Jezus heeft met wijzen en verstandigen is niet dat zij wijs en verstandig zijn! Echter, als een wijze zijn of haar kennis gebruikt als machtsmiddel ten koste van anderen, dan komt Jezus in verzet! Om die reden heeft Hij altijd moeite met de Farizeeën en Schriftgeleerden. Zij gebruikten hun kennis van de Wet om anderen onder de duim te houden en aan zich te binden. Dat is niet de bedoeling, zegt Jezus! Staande tegenover God kun je niet zeggen: dat heb ik aan mijzelf te danken. Jezus heeft moeite met “wijzen” die dat wel doen. Neem liever een houding van ontvankelijkheid aan tegenover God, zegt Jezus, anders ben je niet in staat zijn stem te horen. Dit is een lastige boodschap in deze tijd van autonomie, zelfbeschikking en zelfredzaamheid. Je hoort zo vaak: “Het leven draait om mij en om mijn vrijheid en zelfbeschikking en ik ben de enige die daarbij aan het stuur zit!”. Dat is niet de houding van een christen, want een christen weet dat uiteindelijk God de drager is van het leven.

Het Evangelie van vandaag eindigt met: “Komt allen tot Mij die uitgeput zijt en onder lasten gebukt en Ik zal u rust en verlichting schenken. Neemt mijn juk op uw schouders en leert van Mij: Ik ben zachtmoedig en nederig van hart” (v. 28-29). Uitgeput en onder lasten gebukt: wat bedoelt Jezus daarmee? Dat is de last van je ego, van je zelfgerichtheid. We horen het Paulus duidelijk zeggen in de tweede lezing: “Als gij zelfzuchtig leeft, zult gij zeker sterven.” (Rom. 8, 13). Hij bedoelt daarmee het sterven naar de geest. Ieder zelfzuchtig mens isoleert zichzelf van anderen en uiteindelijk ook van God. Wat is dan het juk van Jezus? Dat is zijn ontvankelijkheid voor God de Vader. Jezus wil je laten delen in zijn kracht om de lasten van het leven te kunnen dragen. Als Jezus zegt: “Alles is mij door mijn Vader in handen gegeven”, dan zal ook óns alles in handen gegeven worden dóór Hem. Georges Lemaître, een geleerde van het kaliber Einstein, én Galileo, die zijn hele leven een gelovige man is gebleven, hebben die ontvankelijk voor God nooit verloren. God geeft je de kracht de lasten van het leven te dragen, een kracht die je jezelf niet kunt geven, hoe wijs en verstandig je ook bent. Dat is een kracht die alleen God je kan geven. En dat geeft rust, want je staat er niet alleen voor. Moge God ieders hart ontvankelijk maken voor Hem en voor elkaar. Amen.

Diaken Franck Baggen

 

scroll back to top